Voorvoeren in de winter en de vroege voorjaar – Tactiek en aanpak

Laat me eerst en vooral stellen dat ik geen voerder ben, althans niet in de meeste omstandigheden. Als het echt niet hoeft, dan doe ik het ook niet. Ik geloof meer in de aanpak ‘zoek de (azende) vis’ en de rest volgt vanzelf. In de winter, tja, dan wordt het weer een heel ander verhaal. De meeste vissers zitten thuis, voor de haard, hengelspullen kuisen, boekjes lezen. Daar is niets mee want ik doe dat ook. Althans als de weergoden roet in het eten gooien. Als het iets of wat treffelijk weer is, koud is ok zolang het niet regent, probeer ik toch korte sessies te doen in de winter. Met een bepaalde aanpak kan je ook slagen en die leuke winterkarpers achter de vinnen zitten!

Lange termijn denken

Karpers zoeken in de koudere periodes makkelijk voedsel, waar ze niet veel voor hoeven te doen. Dit is iets wat je zeker in het achterhoofd moet houden. Wil je heel de winter succesvol zijn dan kan je gaan voeren op lange termijn. Ook al vis je enkele weken niet, toch dien je met de regelmaat te blijven voeren. Meermaals per week een handjevol boillies per stek is voldoende. Meestal voer ik een twintigbal knikkers per beoogde stek. Wie er voor werkt wordt beloond! Kan je dit blijven volhouden dan pluk je er zeker de vruchten van. Kies daarom ook een water waar de kans klein is dat iemand op je stek zit. In de winter heb je sowieso al minder vissers aan de waterkant en vaak is het dan ook nog eens donker als je gaat voeren. Je valt zo niet op en daar kan je een voordeel uit halen.

Indien ik niet vis probeer ik minimaal 2x per week te voeren. Iedere week vissen lukt voor mij niet, dit door mijn job en maar goed ook. Rakkers die lang profiteren van de werkloosheid heb ik het niet voor en zo kan ieder er wel een paar bedenken. Dit ter zijde. Kan ik die week echter wel aan het water raken dan drijf ik het op tot 3x per week met de voerbeurten dichter op elkaar. De dag voor ik aan de slag ga, las ik een rustdag in. Je weet immers nooit dat je voer van de dag ervoor niet weg is. Om een voorbeeld te geven ziet het voeren er dan zo uit: maandag voeren, dinsdag rustdag, woensdag en donderdag voeren, vrijdag rustdag om er dan de zaterdag op te vissen. Heeft je water een voldoende bestand, of heb je last van veel koeten, kan je gerust kort op elkaar voeren. Het gene wat ’s nachts niet opgegeten is door onze vrienden eten die watervogels wel op.

Stek- en waterkeuze

Neem eerst en vooral een water dat je al goed kent. Als je nog moet beginnen in de winter is dat niet evident doch niet onmogelijk! Ikzelf ben begonnen op een water in de winter. Door de goede info van een vriend die het water goed kende wist ik waar ik aan de slag moest gaan. Ik kon tijdens de winter meerdere vissen vangen.

Heel belangrijk is dat je een water kiest waar het rustig is. Dit hoeft niet het water met het mega bestand te zijn. In de winter telt iedere vis en zelf visjes van 3-4 kg doen je hart sneller slaan. Neem een water met een goed bestand. Rivieren zijn ook ideale waters om tijdens de winter en voorjaar te vissen. Door de stroming moeten de vissen bewegen, dus energie verbruiken! Laat het nu net zijn dat jij daar toe komt en ze eten geserveerd op een dienblad geeft.

Qua stekken kies ik het liefst voor obstakels. Dit kunnen tijdens het seizoen slechte stekken zijn omdat iedereen er vist (stekdressuur), maar in de winter weet dat de vis dat ze er niet of slechts weinig belaagd zijn. Zoals hoger vermeld willen de vissen niet te veel moeite doen om te zwemmen. Tussen de obstakels voelen de vissen zich veilig en kunnen ze zich voeden aan de beestjes tussen de takken. Op zonnige winterdagen kies ik resoluut voor ondiepe stekken die pal in de zon staan. De vissen trekken er dan heen om te zonnen en het ondiepe water warmt snel op. Ideale dagstekken dus. In de winter vis ik trouwens het liefst overdag. Ik heb de indruk dat de vissen dan het meest actief zijn. Het water is helderder dan in de zomer, de vissen nemen dan sneller voedsel waar, dus moeten ze minder moeite doen om hun eten te vinden. Pas op, dit is niet op ieder water zo. Sommige wateren blijven eenmaal nachtwaters. ’s Nachts kies ik dan weer voor diepere stekken, onderdaan de talud, vaargeul, sluizen,…

Aaskeuze en rigs

Over het aas kan ik kort zijn. Liefst zo klein mogelijk en liefst zo attractief mogelijk. Heb je geen last van witvis dan kan je gerust voor grondvoer, pellets en partikels kiezen om je boillies die extra aantrekkingskracht te geven. De vissen zitten hopelijk al enkele weken op je boillies en dan kan je ze dus een extraatje geven om ze tot een beet te doen overgaan.

Neem een licht verteerbare boillie op basis van birdfood, crèmig/fruit of kruiden. Vismeel is uit den boze in hoge hoeveelheden. Vismeel kan gerust maar zou ik niet als voorkeur nemen. De voorbije  winter ben ik begonnen met de Coco Creams van Attractive Baits. Deze bol heeft naast notenmelen ook echte kokosschilfers zitten. Verder zijn er geen chemische toevoegingen als flavours en dergelijke toegevoegd. Voor mij een ideale winterboillie. Wat ik vooral wil meegeven is dat je voor een aas moet kiezen waar je alle vertrouwen in hebt! Je moet er immers de hele winter en voorjaar mee aan de slag. Als je een paar keer blankt en je begint te twijfelen aan dingen zoals aas, ben je verloren en zakt de moraal je in de schoenen.

Rigs, let’s talk rigs. De vissen zijn niet zo actief als in de zomer en azen traag en voorzichtig. Pas dus de lengte van je onderlijn aan en maak deze goed kort. Ook vis ik in de winter liefst met vast lood. Door een korte onderlijn en direct het gewicht van het lood kan je zeer voorzichtige en slome vissen strikken!

Het voorjaar

De dagen worden langer en de temperaturen worden iets hoger. Opgepast, probeer je in te houden op hoeveelheid voer. Het is niet omdat de eerste paar warme dagen daar zijn dat het water al opgewarmd is. Het zou jammer zijn om je stek die je al heel de winter onderhoudt te gaan verpesten met hoge hoeveelheden voer. Je kan naargelang de watertemperatuur iets meer gaan voeren. Het regelmatig voeren kan je toepassen tot de vissen weer actief zijn en weer rond gaan trekken. Met het warme weer halen ook meer vissers de hengelspullen van onder het stof en heb je dus weer meer kans dat er iemand op je stek zet. Maak daarom slapende honden niet wakker en ga gewoon verder met je normale visserij. Kies eens voor andere stekken en andere waters. Afwisseling doet zeker deugd. Althans voor mij toch.

Ten slotte

Volharden en volhouden! Moeite doen en niet thuis in de zetel zitten. Ga er vanuit dat als je thuis zit je ook niets vangt, dus kan je evengoed aan het water gaan zitten. Zonder overdrijven natuurlijk. Hou vooral vol met het op en af rijden naar het water om te voeren. Het is niet altijd makkelijk om bvb 20 minuten in de auto te zitten om slechts 20 boillies te gaan voeren. Kies een water wat niet te ver is. Het allerbelangrijkste is vooral plezier beleven en niet te veel denken. Ga gewoon vissen en doe je ding!

Comments
Loading...