Project Tijgernoot

“Ronald de Hoog stuurde het volgende artikel in voor de  Carpcrossing hoodie. Een zeer leuk en interessant artikel over het zelf kweken van tijgernoten!  Bedankt voor je verhaal Ronald en veel plezier met je Carpcrossing hoodie.”

Het begon allemaal zo begin maart dit jaar. Mijn visseizoen stond weer op het punt om te beginnen. Ik zat nog eens wat op internet te zoeken naar wat tips en trucs om een maximaal rendement te halen uit mijn seizoen en zo kwam ik een stukje tegen over het kweken van tijgernoten. Dit boeide mij gelijk. De tijgernoot is mijn favoriete aassoort. Het is wat meer werk voordat je er mee kunt vissen, maar de resultaten zijn er dan ook naar.

Zelf ben ik een tuinderszoon en hebben wij een behoorlijke moestuin tot onze beschikking. Aangezien ik niet over een (aas)sponsor beschik, zou het kweken van mijn eigen aas dus veel geld kunnen besparen. Buiten dat vond ik het een interessante ervaring om te zien hoe zo’n plant groeit van nootje tot plant. Hier wilde ik mij wat meer in gaan verdiepen. Veel was er op internet niet over te vinden, dit was mede de oorzaak dat ik toch besloten heb een aantal planten te gaan zetten in de moestuin.

Het was begin april toen ik met dit ‘project’ begon. Een bakje tijgernoten heb ik toen in de week gezet. Na drie dagen vond ik dat de tijgernoten genoeg waren uitgezet. Vervolgens heb ik een stuk of 70 nootjes in lage bakken in de kas gezet om te kiemen. Regelmatig water geven en een krant over de bak heen doen is wel belangrijk. Natuurlijk niet te veel water want dan verdrinken ze weer. Een krant over de bak omdat de noten beter kiemen in het donker. Een tijdje gebeurde er niks, zelf dacht ik dat het ook niet meer zou komen. De hoop had ik al een beetje opgegeven. Totdat een dag of tien na het poten een plantje zich boven het oppervlak liet zien! Na deze volgden er gauw meer.


“De plantjes bereikten de lengte van 4-5 centimeter.”

Bijna een maand later, 16 mei, waren er zo’n 40-45 plantjes boven gekomen. En hadden een aardige lengte bereikt van een centimeter of 4-5. Die dag heb ik besloten de hele boel op te pakken en in de volle grond te planten. Zo gezegd, zo gedaan. De planten stonden in de moestuin en het wachten kon beginnen. Zo nu en dan eens flink water geven met de tuinslang en het onkruid goed bijhouden. En de plantjes werden planten!


“Het wachten kan beginnen.”

De tijd strijkt voorbij en de planten bleven maar groeien. Op een gegeven moment was ik al een week of twee niet meer wezen kijken. Toen ben ik toch maar weer eens een kijkje gaan nemen. Nou, ik kan jullie vertellen, de planten waren geen planten meer. Het was een compleet bos met tijgernoten plantjes geworden!

“Het was een compleet bos met tijgernoten plantjes geworden!”

Het was 17 september toen ik besloot om eens een stengeltje uit de grond te halen. Zelfs had ik namelijk geen idee wanneer de tijgernoten geschikt zouden zijn voor de oogst. Op internet had ik wel wat vermoedens gevonden van ‘najaar’ of ‘september-oktober’, maar wanneer zijn de noten echt klaar voor de oogst? Er bleken zo’n vier geschikte nootjes aan te zitten en nog zo’n vijf die nog niet klaar waren. Hierbij besloot ik ook dat ze nog langer in de grond moesten blijven zitten.

Een dag of twee later begon het een aantal dagen achter elkaar flink te regenen. Er viel een aardige hoeveelheid water. Het oogsten van de nootjes spookte nog in mijn achterhoofd; Zouden ze al groot genoeg zijn?

27 September, deze dag besloot ik een hele plant uit de grond te trekken om te zien hoe het de nootjes verging. Toen ik dus een plant uit de grond haalde was ik positief verrast. Tientallen nootjes hingen voor het grijpen! Er restte mij alleen nog een flink karwei de hele boel te oogsten. Waardoor ik dan ook maar gelijk besloot om de hele de boel te oogsten. Na een hele middag oogsten, was er slechts een kwart geoogst. Wat een werk zeg! Nootje voor nootje moet je uit de wortels pluizen…


“Tientallen nootjes hingen voor het grijpen!”

2 Oktober is de dag dat ik de laatste plantjes geoogst heb. Wat een karwei! Maar als je dan het resultaat bekijkt word ik er toch wel weer vrolijk van. Gauw de nootjes in kisten en eerst maar eens even flink gewassen. Alles zat helemaal onder de bagger, dus dat werd er gauw vanaf gespoeld. Het enige wat mij nu nog hindert van het vissen met de nootjes zijn de worteltjes die aan de tijgernoten zitten. Lange dunne draadjes aan bijna elk nootje. Er af plukken is geen doen. Branden leek mij de beste optie. Mijn vader had gelukkig een gasbrander staan. Dus ik vol enthousiasme begonnen met het branden van de nootjes. Halverwege, ja hoor, gas is op! Heb ik weer! Snel naar de buurman gerent, deze heeft altijd wel ergens wat liggen wat jij nodig heb. “Zeg buurman, heb jij even een gasbrandertje te leen voor mij?” “Ja natuurlijk! Hoeveel wil je er hebben?”. Zo kon ik dus weer gauw verder met het branden van de nootjes. Dit was in principe snel gebeurd. De tijgernoten weer terug in kartonnen dozen gestopt zodat ze verder kunnen drogen.


“Branden leek mij de beste optie.”

Toen de tijgernoten bijna volledig uitgedroogd waren heb ik ze maar op de weegschaal gezet. De weegschaal sloeg uit tot 7,6 kilo! Een behoorlijk resultaat al zeg ik het zelf. En dat van slechts 40 plantjes! Als ze volledig gedroogd zijn schat ik het op zo’n 7 kilo.

Uit dit verhaal valt dus de conclusie te trekken dat het erg veel werk vergt om tijgernoten te kweken. Met name de afsluitende fase; oogsten en wassen. Als je het aantal uur gaat tellen wat je hier in steekt, kan je beter gaan werken kan ik je vertellen, dan verdien je meer. Maar mocht je de tijd en ruimte er voor hebben zou ik het zeker een keer proberen! Het is een hele interessante ervaring en je leert de tijgernoot toch wat beter kennen! Karpervissen begint immers bij de voorbereiding!

Veel succes met het kweken van jouw tijgernoten!

Ronald de Hoog

Comments
Loading...